Categorie: Financiele Gevolgen Scheiding

wijziging partneralimentatie

Wet herziening partneralimentatie

Afgelopen mei hebben wij al het bericht geplaatst dat het initiatiefvoorstel Wet herziening partneralimentatie is aangenomen en de wet vanaf 1 januari 2020 in werking zal treden.

wijziging partneralimentatie

Wat houdt de nieuwe wet in?

De kern van de nieuwe wet is om de maximale alimentatieduur terug te brengen van de huidige termijn van twaalf jaren tot de helft van de duur van het huwelijk met een maximum van vijf jaren.

Op bovengenoemde termijn bestaan uitzonderingen voor de volgende drie situatie:

  • Als het huwelijk langer heeft geduurd dan 15 jaren én de alimentatiegerechtigde bereikt binnen 10 jaren de AOW-gerechtigde leeftijd, dan is in dit geval de duur van de partneralimentatie tot maximaal de AOW-gerechtigde leeftijd wordt bereikt. Als peildatum geldt de datum van indiening van het echtscheidingsverzoek.
  • Als uit het huwelijk minderjarige kinderen zijn geboren en die kinderen de leeftijd van 12 jaar nog niet hebben bereikt, dan is in dit geval de duur van de partneralimentatie de periode tot het jongste kind de leeftijd van 12 jaar heeft bereikt.
  • Als de alimentatiegerechtigde op of voor 1 januari 1970 is geboren en het huwelijk langer dan 15 jaren heeft geduurd, dan is in dit geval de duur van de partneralimentatie maximaal 10 jaren. Als peildatum geldt de datum van indiening van het echtscheidingsverzoek. Deze derde uitzondering vervalt binnen enkele jaren na invoering van de wet.

Hardheidsclausule herziening partneralimentatie

Naast voornoemde uitzonderingen kent de wet ook een hardheidsclausule. De rechter kan de alimentatieduur op verzoek verlengen, namelijk als blijkt dat beëindiging van de alimentatie gelet op de omstandigheden van het geval naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet gevergd kan worden van de alimentatiegerechtigde. In schrijnende gevallen kan de alimentatieduur dus worden verlengd.

Afwijken op verzoek

De rechter kan overigens ook op verzoek van een partij een kortere alimentatieduur dan bovengenoemde termijnen vaststellen.

 

Voor wie?

De nieuwe wet heeft geen gevolgen voor bestaande alimentatieverplichtingen. De wet geldt alleen voor toekomstige echtscheidingen, waarbij het echtscheidingsverzoek op of na 1 januari 2020 is ingediend of partijen op of na 1 januari 2020 een partneralimentatie zijn overeengekomen.

 

Voor bestaande alimentatieverplichtingen biedt de wet wel al mogelijkheden om aan de rechter te verzoeken om de alimentatieduur te verkorten.

Wijziging fiscaal regime

Bovendien zal vanaf 2020 het fiscaal regime wijzigen en zullen alimentatieplichtigen minder alimentatie mogen aftrekken. De verwachting is dat dit aanleiding zal zijn voor veel nieuwe procedures tot wijziging van de partneralimentatie (klik hier voor meer informatie).

 

Meer informatie over partneralimentatie? Bel met een van onze specialisten op 0229-295477 of mail naar info@vzbadvocaten.nl

 

 

Facebooktwittermail
Alimentatie - Alimentatie bij Scheiding - VZB Advocaten Mediators

BEPERKING FISCALE AFTREK PARTNERALIMENTATIE

BEPERKING FISCALE AFTREK PARTNERALIMENTATIE NOODZAAKT TOT WIJZIGING ALIMENTATIE

 

Omdat vanaf 2020 minder alimentatie afgetrokken mag worden bij de aangifte Inkomstenbelasting verwachten experts, waaronder VZB Advocaten Mediators, een ware hausse aan nieuwe alimentatiezaken waarin alimentatieplichtigen gaan aandringen op verlaging van de alimentatie.

 

Alimentatie - Alimentatie bij Scheiding - VZB Advocaten Mediators

 

Als partijen, ex-echtgenoten, dit niet onderling kunnen of willen regelen, dan zal de gang naar de rechter gemaakt moeten worden.

Bij de vaststelling van de oude alimentatie is immers meestal rekening gehouden met de (maximale) fiscale aftrekbaarheid van partneralimentatie onder het oude fiscale regime. De a.s. wijziging in het belastingstelsel maakt aanpassing van de oude alimentatie in de meeste gevallen niet te vermijden, zeker als een alimentatieplichtige betaalt naar (oude) maximale draagkracht.

 

Vlaar Zillikens Bosch Advocaten Mediators zal zoveel mogelijk herzieningszaken door middel van onderling overleg of mediation proberen te regelen. Lukt dit niet, dan kan altijd nog een procedure worden opgestart.

Het advies is wel om niet te lang te wachten met het bespreken van deze problematiek omdat een procedure nu al ruim 9 maanden duurt. Het is dus zaak dit alles tijdig aan de orde te stellen!

 

Meer informatie over partneralimentatie of de fiscale gevolgen?

Bel met een van onze specialisten op 0229-295477 of mail naar info@vzbadvocaten.nl

Facebooktwittermail

Minder lang partneralimentatie betalen?

De maatschappelijke opvatting over het betalen van partneralimentatie lijkt te veranderen. Er zijn steeds meer mensen die het niet rechtvaardig vinden dat enkel het huwelijk grondslag geeft om gedurende vele jaren een bedrag te kunnen ontvangen, gebaseerd op de welstand van dat huwelijk. Er heerst steeds meer een gevoel dat men in het eigen levensonderhoud moet kunnen voorzien.

Er gaan al jaren stemmen op om de maximale duur van partneralimentatie te beperken.  De politiek is hier ook druk mee bezig, maar vooralsnog heeft dit niet tot een wetswijziging geleid, waarvoor men min of minder lang partneralimentatie hoeft te betalen.

Wat kun je doen om minder (lang) partneralimentatie te betalen?

          Verkorting van de alimentatietermijn verzoeken op grond van artikel 1:157 lid 3 BW

          Nihilstelling van de alimentatie op termijn verzoeken of afbouw van het alimentatiebedrag

Recente uitspraak

Onlangs heeft het Gerechtshof ook geoordeeld dat de alimentatie afgebouwd kan worden, als gevolg van het feit dat er een huwelijk van 7 jaar was en geen kinderen waren geboren. Dit was voor het Hof reden om het alimentatiebedrag op den duur te verminderen. Dat de vrouw in kwestie geen opleiding had gevolgd en psychische problemen ondervond, was voor het Hof kennelijk van minder groot belang. 

 Lees hier de volledige uitspraak: klik hier

 Meer informatie over het beperken van de alimentatie duur of alimentatiebedrag?

Neem contact op met een van onze gespecialiseerde advocaten op 0229-295477 of mail naar info@vzbadvocaten.nl

Advocaat alimentatie in de regio: Hoorn, Zwaag, Andijk, Wieringerwaard, Enkhuizen, Hoogkarspel, Volendam, Edam, Waterland, Scharwoude, Heerhugowaard, Zaandam, Alkmaar, e.o.

 

Facebooktwittermail

Alimentatie en zwarte inkomsten

Heeft de man al zijn inkomsten uit zijn optredens als artiest opgegeven aan de belastingdienst, of is er sprake van zwart inkomen zoals gesteld door de vrouw?

Deze kwestie over alimentatie en zwarte inkomsten speelde in een procedure bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Het Hof overwoog als volgt:

De vrouw stelt dat de man in het verleden veel zwart werkte en dat dit nog steeds zo is. Zij heeft haar stelling dat de man veel meer optreedt dan is verwerkt in zijn boekhouding onderbouwd door diverse aankondigingen van optredens door de man in het geding te brengen. De man heeft erkend dat hij in het verleden zwart werkte, maar stelt dat zijn inkomsten erg zijn teruggelopen na de scheiding omdat partijen eerst als duo optraden. Voorts stelt de man dat hij thans in het geheel geen zwarte inkomsten meer heeft, omdat hij anders zijn WW-uitkering in gevaar zou brengen. Naar het oordeel van het hof heeft de man de gemotiveerde stelling van de vrouw onvoldoende onderbouwd weersproken. De man heeft over 2014 en 2015 wel een aantal nota’s en een overzicht van de gegeven optredens in het geding gebracht maar hierin zijn niet alle door de vrouw aangedragen optredens verwerkt. Daarbij heeft de man nagelaten om bijvoorbeeld een uitdraai van zijn agenda in het geding te brengen en ten aanzien van elk door de vrouw aangedragen optreden inzichtelijk te maken wat hij hiervoor heeft ontvangen. Uit de door de vrouw in het geding gebrachte stukken blijkt van dusdanig veel optredens dat dit – in elk geval zonder nadere toelichting van de zijde van de man die echter ontbreekt – niet valt te rijmen met de zeer summiere inkomsten die de man met zijn onderneming genereert. Het hof gaat er dan ook van uit dat de man nog steeds zwarte inkomsten heeft. Ten tijde van het uiteengaan van partijen hebben zij bij de berekening van de door de man aan de vrouw te betalen partneralimentatie rekening gehouden met zwarte inkomsten van de man ter hoogte van € 8.544,- per jaar. Het hof wil wel aannemen dat het wegvallen van de vrouw en het verstrijken van de tijd enige invloed heeft gehad op het aantal optredens dat de man verzorgt. Het hof acht het daarom redelijk om bij de berekening van de draagkracht van de man uit te gaan van de helft van de netto inkomsten die de man voorheen had, zijnde € 4.272,- per jaar.

Voor de volledige uitspraak: klik hier

partneralimentatie Hoorn

Meer informatie over alimentatie en zwarte inkomsten?

Neem contact op met een van onze gespecialiseerde advocaten op 0229-295477 of mail naar info@vzbadvocaten.nl

Advocaat alimentatie in de regio: Hoorn, Zwaag, Andijk, Wieringerwaard, Enkhuizen, Hoogkarspel, Volendam, Edam, Waterland, Scharwoude, Heerhugowaard, Zaandam, Alkmaar

Facebooktwittermail

Hoe sluit je een schenking uit?

Ben je gehuwd in gemeenschap van goederen en krijg je een schenking, dan valt deze in de gemeenschap. Dit betekent dat beide echtgenoten profiteren van de schenking en de schenking gedeeld moet worden bij scheiding.

Schenking uitsluiten

Moet een schenking privé blijven, dan zou kun je dit in de huwelijkse voorwaarden opnemen. In deze huwelijkse voorwaarden kan worden bepaald dat schenkingen buiten de gemeenschap zullen vallen.

Een schenking kan ook buiten een gemeenschap van goederen vallen als de schenker dit bij de schenking zo heeft bepaald. Dit wordt een uitsluitingsclausule genoemd.

Tegenwoordig worden veel schenkingen door middel van een girale overboeking gedaan. De schenker kan in dat geval in de omschrijving vermelden dat het gaat om een schenking onder uitsluiting.

De wet bepaalt dat een uitsluitingsclausule niet meer ná de gift door de schenker kan worden bedongen.

Schenking en een mondelinge uitsluitingsclausule

Afgelopen zomer heeft het Gerechtshof Den Haag uitspraak gedaan over de vraag of een mondelinge uitsluitingsclausule ook tot uitsluiting van een schenking leidt.

Casus: Een man ontvangt een schenking van zijn moeder. De schenking is giraal overgeboekt. De man stelt dat de schenking onder uitsluiting is gedaan en legt hiertoe een verklaring van zijn moeder over.

Uitspraak: Het hof oordeelde in deze procedure dat indien er sprake is van een girale schenking, die te beschouwen is als schenking van hand tot hand, in dat geval aan de uitsluitingsclause geen vormvereisten worden gesteld. Het hof heeft geoordeeld dat de man voldoende heeft aangetoond dat aan de schenking een uitsluitingsclausule is verbonden en deze niet in de gemeenschap van goederen is gevallen.

Het Gerechtshof was dus van mening dat een latere schriftelijke verklaring van de schenker dat de girale schenking onder uitsluitingsclausule was geschied voldoende was.

Desondanks is het raadzaam om een discussie hierover te voorkomen en een uitsluitingsclausule schriftelijk te doen, bijvoorbeeld in de omschrijving bij de overboeking.

Zie gehele uitspraak: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2017:2162

vzbadvocaten.nl

Schenking uitsluiten onder het nieuwe recht

Met ingang van 1 januari 2018 geldt een nieuw huwelijksvermogensrecht. De gemeenschap van goederen verdwijnt. Vanaf 1 januari 2018 zal alles wat echtgenoten gedurende het huwelijk hebben opgebouwd gemeenschappelijk zijn. Alles wat echtgenoten voor het huwelijk al hadden blijft privé.

Schenkingen en erfenissen zijn onder het nieuwe recht eveneens te beschouwen als privévermogen.

Afwijken bij huwelijkse voorwaarden

Partijen kunnen bij huwelijkse voorwaarden andere afspraken maken, bijvoorbeeld dat schenkingen en erfenissen wél in de gemeenschap zullen vallen.

Indien de schenker niet wil dat een schenking gemeenschappelijk wordt, dan zal de schenker voor of bij de schenking moeten verklaren dat aan de schenking een uitsluitingsclausule is verbonden.

De nieuwe wetgeving bepaalt namelijk dat indien aan een gift een uitsluitingsclausule wordt verbonden deze tóch buiten de gemeenschap zal vallen.

Meer weten over schenking en uitsluitingsclausule?

Neem contact op met een van onze specialisten!

Echtscheidingsadvocaat in de regio Hoorn, Zwaag, Volendam, Scharwoude, Andijk, Heerhugowaard, Alkmaar, Waterland, Zaandam, Wieringerwaard, Den Helder

 

Facebooktwittermail

Moet een stiefouder kinderalimentatie betalen?

Moet een stiefouder kinderalimentatie betalen? En wat gebeurt er als de ouders zelf voldoende draagkracht hebben, moet de stiefouder dan ook nog steeds betalen?

Wanneer wordt stiefouder onderhoudsplichtig?

Als de ouder en de nieuwe partner gaan samenwonen, dan is de nieuwe partner nog niet onderhoudsplichtig. Als de ouder en de nieuwe partner met elkaar trouwen of een geregistreerd partnerschap aangaan, dan wordt de nieuwe partner ‘stiefouder’ en ontstaat er een onderhoudsverplichting. De kinderalimentatie kan dan wijzigen.

Deze verplichting geldt alleen tijdens het huwelijk/geregistreerd partnerschap. Eindigt het huwelijk met de ouder, dan vervalt ook de onderhoudsplicht van de stiefouder.

Alleen voor kinderen die tot het gezin behoren

De onderhoudsplicht van de stiefouder geldt alleen voor kinderen die ‘tot het gezin’ van de stiefouder en de ouder behoren. Als de stiefouder en de ouder niet meer samenwonen eindigt de onderhoudsplicht. De kinderen behoren dan namelijk niet meer ‘tot het gezin’ van de stiefouder.

vzbadvocaten.nl

Meerdere onderhoudsplichtigen

Soms zijn er meerdere personen onderhoudsplichtig op grond van de wet, bijvoorbeeld de eigen ouders en de stiefouder. Hoe verdeel je dan de kinderalimentatie?

De wet bepaalt geen rangorde tussen de ouders en stiefouder. In principe wordt er dus gelijk verdeeld, maar de omvang van de onderhoudsplicht kan wel afhangen van de omstandigheden van het geval. Een belangrijke factor is dat tussen een ouder en een kind een nauwere verwantschap bestaat. Er zal dus altijd gekeken moeten worden naar de bijzondere verhouding waarin de ouders en stiefouder tot het kind staan.

Uitspraak Hof Amsterdam, toch een soort rangorde?

Het Hof Amsterdam heeft recent in een procedure geoordeeld over een soortgelijke zaak. Zij beantwoorden de vraag: hoe dient de onderhoudsplicht van de stiefouder vorm te krijgen als de vader en moeder zelf voldoende draagkracht hebben? 

“Het hof neemt als omstandigheden in aanmerking dat er sprake is van een regelmatig contact tussen de man en de minderjarige, en de stiefouder pas sinds 10 juli 2015 stiefouder van de minderjarige is. Zowel de draagkracht van de man als die van de stiefouder zijn toereikend om in de behoefte van de minderjarige te voorzien. Zouden onderhoudsbijdragen van de drie onderhoudsplichtigen naar rato van hun draagkracht worden vastgesteld, dan zou dat betekenen dat een aanzienlijk deel van de behoefte van de minderjarige voor rekening van de stiefouder komt. Dat acht het hof geen redelijke verdeling in het licht van bovenvermelde omstandigheden. Het hof ziet dan ook aanleiding om de onderhoudsverplichting van de stiefouder te stellen op 1/3 deel van de behoefte van de minderjarige en de overige 2/3 deel van de behoefte naar rato van draagkracht te verdelen tussen de man en de vrouw.”

Volledige uitspraak: ECLI:NL:GHAMS:2017:3300

Meer informatie over stiefouder en kinderalimentatie?

Voor meer informatie over stiefouder en kinderalimentatie kunt u contact opnemen met een van onze gespecialiseerde advocaten op het gebied van alimentatie op telefoonnummer 0229-295477 of via info@vzbadvocaten.nl

Alimentatie advocaat in de regio Hoorn, Zwaag, Scharwoude, Enkhuizen, De Goorn, Volendam, Edam, Waterland, Purmerend, Heerhugowaard, Alkmaar

Facebooktwittermail

Dag van de scheiding in Hoorn

 

Dag van de scheiding

Op 15 september 1796 werd in Nederland de eerste echtscheiding geregistreerd. Tegenwoordig eindigt ongeveer één op de drie huwelijken in een scheiding. Voor samenwoners geldt ongeveer hetzelfde. Sinds 2010 wordt ieder jaar de ‘Dag van de Scheiding’ georganiseerd. Daarmee wordt aandacht gevraagd voor de maatschappelijke gevolgen van scheidingen en voor het belang van een deskundige begeleiding daarbij.

Kosteloos echtscheidingsadvies op de dag van de scheiding

Dit jaar vindt de dag van de scheiding plaats op vrijdag 14 september 2018. Op deze dag kunt u kosteloos kennismaken met één van onze gespecialiseerde echtscheidingsadvocaten.

Wij kunnen u antwoord geven op algemene vragen in geval van scheiding, maar ook adviseren in specifieke situaties (alimentatie, omgang, gezag, ouderschapsplan).

Voorts is er aandacht voor de vraag of mediation tot de mogelijkheden behoort. Dit kan immers een goede en betaalbare mogelijkheid zijn om met respect voor ieders belangen tot een echtscheiding te komen.

Welkom

U bent van harte welkom tussen 09:00 uur en 17.00 uur op ons kantoor aan het Breed 28 te Hoorn. Het is ook mogelijk om vooraf (telefonisch) een afspraak te maken. Uiteraard zijn wij die dag ook telefonisch bereikbaar voor uw vragen op nummer: 0229-295477.

 

Dag van de scheiding

 

Liever een andere dag kosteloos advies?

Komt het u op de dag van de scheiding -14 september- niet uit om contact met ons op te nemen? U kunt zich gedurende de maand september 2017 aanmelden voor een kosteloos kennismakingsgesprek van maximaal één uur met een van onze advocaten. U kunt hiervoor mailen naar info@vzbadvocaten.nl.

echtscheidingsadvocaat omgeving Hoorn, Volendam, Zwaag, Enkhuizen, Heerhugowaard, Alkmaar, Den Helder, Grootebroek, Schagen

Facebooktwittermail

Einde gemeenschap van goederen door nieuwe wet

Einde gemeenschap van goederen door nieuwe wet

In Nederland trouwen jaarlijks vele duizenden mensen. In het merendeel van de gevallen wordt er getrouwd in gemeenschap van goederen. Door een nieuwe wet is trouwen in gemeenschap van goederen straks niet meer de standaard, een beperkte gemeenschap van goederen wel. Een wet hierover is vandaag door de eerste kamer aangenomen.

Beperkte gemeenschap van goederen door nieuwe wet

Hoe is het nu geregeld?

Op dit moment is gemeenschap van goederen het uitgangspunt. Dit betekent dat alle bezittingen en schulden -ook als deze zijn ontstaan voorafgaand aan het huwelijk-  gemeenschappelijk worden door het huwelijk. Alleen door het opstellen van huwelijkse voorwaarden kan dit voorkomen worden.

Wat verandert er met de nieuwe wet?

In de nieuwe wet is het uitgangspunt dat er door het huwelijk een beperkte gemeenschap van goederen ontstaat als je niets laat vastleggen. Bezittingen, erfenissen, giften en schulden die voor het huwelijk zijn verkregen, blijven privé. Vermogen dat tijdens het huwelijk wordt opgebouwd, is gemeenschappelijk. Echtparen kunnen hiervan afwijken door het opstellen van huwelijkse voorwaarden. In deze voorwaarden kun je dus alsnog laten vastleggen dat er een volledige gemeenschap van goederen is.

Meer weten over de beperkte gemeenschap van goederen?

Voor meer informatie over huwelijkse voorwaarden of verdeling van vermogen na scheiding, bel met 0229-295477 of mail: info@vzbadvocaten.nl

advocaat scheiding in de regio Hoorn, Zwaag, Enkhuizen, Bovenkarspel, Scharwoude, Volendam, Edam, Waterland, Heerhugowaard.

Facebooktwittermail

Partneralimentatie en kindgebonden budget

Partneralimentatie en kindgebonden budget: hof stelt nieuwe prejudiciële vraag

Casus:

M en V zijn verwikkeld in een echtscheidingsprocedure. In hoger beroep spitst het geschil zich toe op de door M aan V te betalen partneralimentatie. M verzoekt het hof te bepalen dat hij geen partneralimentatie is verschuldigd. Het hof beoordeelt hoe het kindgebonden budget en de alleenstaande ouderkop in deze beoordeling moeten worden betrokken.

partneralimentatie Hoorn

Hoge Raad in een eerder arrest

De Hoge Raad oordeelde op 9 oktober 2015 (JUR ECLI:NL:HR:2015:3011) dat bij de vaststelling van kinderalimentatie het kindgebonden budget en de daarvan deel uitmakende alleenstaande ouderkop niet in aanmerking moeten worden genomen bij de bepaling van de behoefte van het kind maar bij de berekening van de draagkracht van de ouder die het kindgebonden budget ontvangt. Het kindgebonden budget en de daarvan deel uitmakende alleenstaande ouderkop moeten daarom worden beschouwd als inkomensondersteuning van de ouder die het kindgebonden budget ontvangt.

Gevolgen voor de berekening van partneralimentatie

De gevolgen hiervan voor de vaststelling van partneralimentatie is vervolgens verschillend beoordeeld in de rechtspraak.

De ene stroming houdt in dat het kindgebonden budget en de daarvan deel uitmakende alleenstaande ouderkop moeten worden beschouwd als (eigen) inkomen van degene die de bijdrage ontvangt, zodat het kindgebonden budget en de alleenstaande ouderkop van invloed zijn op de hoogte van de (aanvullende) behoefte van de onderhoudsgerechtigde in die zin dat zij de (aanvullende) behoefte en daarmee de vast te stellen partneralimentatie verminderen.

De andere stroming houdt in dat het kindgebonden budget en de alleenstaande ouderkop van aanvullende aard zijn, vergelijkbaar met huur- en zorgtoeslag, die buiten beschouwing moeten worden gelaten bij de bepaling van de behoefte van degene die deze bijdrage ontvangt.

Ook in de literatuur zijn verschillende standpunten te vinden. Aan de ene kant wordt verdedigd dat het kindgebonden budget en de alleenstaande ouderkop bij de vaststelling van de (aanvullende) behoefte in aanmerking moeten worden genomen omdat sprake is van inkomensondersteuning voor de verzorgende ouder. Aan de andere kant wordt bepleit dat het kindgebonden budget en de alleenstaande ouderkop daarbij buiten aanmerking moeten blijven, omdat de onderhoudsverplichting van de ene gewezen echtgenoot jegens de andere prevaleert boven de door de staat aan de laatste geboden inkomensondersteuning indien deze niet (volledig) in zijn levensonderhoud kan voorzien.

Nieuwe vraag aan de Hoge Raad

Gelet op de verschillende opvattingen en het grote verschil in uitkomst in dit geval, ziet het hof aanleiding voor het ambtshalve stellen van de volgende prejudiciële vraag: ‘Moet in het kader van de vaststelling van de op de voet van artikel 1:157 BW door de ene aan de andere (gewezen) echtgenoot verschuldigde uitkering tot levensonderhoud rekening worden gehouden met het door de onderhoudsgerechtigde echtgenoot ontvangen kindgebonden budget, inclusief de alleenstaande ouderkop, door dit te beschouwen als inkomen van laatstgenoemde echtgenoot, met als gevolg dat het kindgebonden budget in mindering strekt op diens behoefte aan een uitkering tot levensonderhoud, dan wel is bij het kindgebonden budget sprake van een overheidsbijdrage van aanvullende aard waarvan het karakter meebrengt dat die bijdrage bij het vaststellen van die behoefte buiten beschouwing moet worden gelaten en enkel bij de berekening van de draagkracht van de onderhoudsgerechtigde (in het kader van de jusvergelijking) in aanmerking moet worden genomen?

Bij wijze van voorlopige beslissing volgt het hof het standpunt in verschillende reeds gegeven arresten. Het hof telt het door V ontvangen kindgebonden budget en de daarvan deel uitmakende alleenstaande ouderkop op bij het eigen inkomen van V. Daarop wordt in mindering gebracht het vastgestelde aandeel in de kosten van de kinderen dat voor rekening komt van V.

Gerechtshof Den Haag 22 februari 2017, CLI:NL:GHDHA:2017:412

advocaat alimentatie Hoorn, Volendam, Alkmaar, Enkhuizen, Den Helder

 

Facebooktwittermail