Categorie: Familierecht

Verhuizen met kind na scheiding, mag dat zomaar?

Gezamenlijk gezag

Na een echtscheiding blijven beide ouders gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over de minderjarige kinderen. Dit heeft tot gevolg dat de belangrijke beslissingen ten aanzien van de minderjarige kinderen door beide ouders samen genomen moeten worden. De woonplaats van een kind valt hier ook onder. Als je als ouder met je kind wilt verhuizen, heb je dus toestemming nodig van de andere ouder. Niet voor je eigen verhuizing, maar wel voor die van het kind. Als toestemming ontbreekt, mag het kind niet verhuizen.

verhuizen met kind na echtscheiding, advocaat

Vervangende toestemming van de rechter bij verhuizing van een kind

Als een ouder geen toestemming voor de verhuizing wil geven, dan kan de andere ouder aan de rechter vragen om vervangende toestemming voor de verhuizing te verlenen. Of de rechter die toestemming verleent, hangt af van vele factoren, waaronder:

 

  • De vrijheid van een ouder om zijn/haar leven opnieuw te beginnen.
  • De noodzaak om te verhuizen.
  • De door de verhuizende ouder geboden alternatieven en maatregelen om de gevolgen van de verhuizing voor de kinderen en de andere ouder te verzachten en/of te compenseren.
  • De verdeling van de zorgtaken en de continuïteit van de zorg. Welke omgangsmogelijkheden zijn er na de verhuizing nog mogelijk?
  • De bestendigheid van de nieuwe relatie van de verhuizende ouder. Is de relatie pril of heeft de verhuizende ouder na de echtscheiding alweer enige tijd een stabiele relatie?
  • De mate waarin de ouders in staat zijn tot onderlinge communicatie en overleg.
  • De frequentie van het contact tussen de kinderen en de andere ouder vóór en na de verhuizing
De omstandigheden van het geval en de argumenten die u de rechter voorlegt zijn van groot belang of de rechter het verzoek toewijst. Hulp van een gespecialiseerd familierecht advocaat is dus wenselijk.

 

Advies over verhuizing met een kind na scheiding?

Speelt een dergelijk geschil ook tussen u en uw ex-partner en weet u niet wat u moet doen? Neem dan gerust contact op met ons kantoor op info@vzbadvocaten.nl of op 0229-295477.

advocaat Hoorn

advocaat Volendam

advocaat Monnickendam

advocaat Enkhuizen

advocaat Zwaag

advocaat Grootebroek

Facebooktwittermail

ruzie over de erfenis oplossen

Een erfenis leidt in een op de drie gevallen tot ruzie in de familie. Hoe los je een ruzie over de erfenis op?

Overleg over de verdeling van een nalatenschap  wordt vaak tot een afrekening van emotionele rekeningen uit het verleden.

In geval van problemen bij de afwikkeling van een nalatenschap, zoals bij ruzie over de erfenis of een onterving, kunt u een advocaat nodig hebben. Ook komt het voor dat één van de familieleden voor het overlijden van de erflater de financiën heeft beheerd; na afloop kunnen vragen worden gesteld over dat beheer en kan de vraag aan de orde komen of rekening en verantwoording moet worden afgelegd.
Laat u zich ook goed voorlichten over de vraag of u een nalatenschap moet aanvaarden of verwerpen. Soms is een beneficiaire aanvaarding een betere keuze. Het belangrijkste gevolg van beneficiaire aanvaarding is dat eventuele schulden van de nalatenschap niet hoeven te worden voldaan uit het privé vermogen van de erfgenaam. Ook is het goed u te laten voorlichten over de taken en bevoegdheden van vereffenaars, executeurs en afwikkelingsbewindvoerders.
ruzie erfenis hulp advocaat

Mediation bij afwikkelen erfenis

Er komen bij de afwikkeling van een nalatenschap vaak emotionele problemen om de hoek kijken. Een gespecialiseerde erfrechtadvocaat heeft daar oog voor. Mediation kan soms zeker ook een oplossing zijn. Voor meer informatie over nalatenschapsmediation klik hier

Gratis advies?

Voor meer informatie of advies kunt u ons altijd vrijblijvend bellen op 0229-295477 of mailen naar Bosch@vzbadvocaten.nl.

Mr. Linda Bosch is gespecialiseerd in erfrecht en lid van de Nederlandse Vereniging van Erfrecht Advocaten (VEAN).

 

ruzie over de erfenis oplossen advocaat Hoorn

ruzie over de erfenis oplossen advocaat Alkmaar

ruzie over de erfenis oplossen advocaat Volendam

Facebooktwittermail

Gouden regels bij scheiding met kinderen

Scheiden met kinderen

Kinderen gaan er van uit dat hun ouders altijd bij elkaar blijven. Wanneer ouders besluiten te scheiden, heeft dit veel invloed op een kind. Het leven van kinderen bij scheiding verandert drastisch en er komen allerlei gevoelens naar boven.

scheiden met kind

Ga je scheiden en hebben jullie samen kinderen. Deze regels kunnen houvast bieden.

  1. Neem de tijd om de eerste emoties te verwerken voordat je vertelt dat jullie uit elkaar gaan.
  2. Vertel als ouders samen aan jullie kind dat jullie uit elkaar gaan.
  3. Laat duidelijk weten dat jullie kind geen schuld heeft aan de breuk en herhaal dit zo veel als mogelijk.
  4. Houdt ruzies en grote mensen zaken weg bij jullie kind.
  5. Regel een vertrouwenspersoon voor jullie kind en aarzel niet deskundige hulp in te schakelen indien nodig.
  6. Zorg goed voor jezelf en neem de tijd voor jouw eigen verwerkingsproces.
  7. Gun jullie kind beide ouders en laat hem/haar nooit kiezen.
  8. Zorg voor zo min mogelijk verandering.
  9. Introduceer niet te snel een nieuwe partner en stel de andere ouder hiervan vooraf op de hoogte.
  10. Regel de scheiding samen, indien mogelijk.

Deze regels zijn een initiatief van Pemmelaar Familiemediation

 

Meer weten?

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Vlaar Zillikens Bosch advocaten mediators is gespecialiseerd in scheiding met kinderen. Neem voor vragen gerust vrijblijvend contact op: 0229-295477 of info@vzbadvocaten.nl

scheiding advocaat Hoorn

scheiding advocaat Volendam

Facebooktwittermail

Erkenning van een kind ongedaan maken

Wat kun je doen als je een kind wilt erkennen, omdat jij de biologische vader bent, maar de moeder het kind al door een ander heeft laten erkennen.

Kun je de erkenning van een kind dan ongedaan maken?

Op 30 oktober 2015 heeft de Hoge Raad hierover een belangrijke uitspraak gedaan.

Casus

In deze zaak was in 2011 een dochter geboren. De vader had aangegeven dat hij zijn dochter wilde erkennen, maar de moeder weigerde haar toestemming. De vader heeft uiteindelijk via een advocaat  op 4 december 2012 een brief aan de moeder laten sturen, waarin hij nogmaals zijn verzoek tot erkenning herhaalt. De moeder heeft vervolgens snel op 18 december 2012 haar dochter laten erkennen door haar nieuwe vriend.

Op 18 februari 2013 heeft de vader bij de rechtbank een verzoekschrift ingediend, waarin hij heeft verzocht voor recht te verklaren dat de erkenning door de nieuwe partner van de moeder nietig is en hem vervangende toestemming te verlenen om zijn dochter te erkennen.

In deze kwestie is uiteindelijk tot aan de Hoge Raad geprocedeerd. De Hoge Raad heeft gesteld dat de erkenning voorwaardelijk is als er daaraan voorafgaand al aan de moeder om toestemming tot erkenning is verzocht.

erkenning kind

Voorwaardelijke erkenning

Hiermee wordt het eerdere uitgangspunt van de Hoge Raad, dat erkenning voorwaardelijk is als er een procedure tot vervangende toestemming is opgestart, opgerekt. Het versturen van een aankondiging om tot erkenning te willen overgaan leidt nu ook tot een voorwaardelijke erkenning.

Vervangende toestemming tot erkenning kan dan worden verleend.

Het is wel belangrijk om binnen een redelijke termijn na de aankondiging een procedure tot (vernietiging van de) erkenning op te starten, te weten binnen een termijn van drie maanden.

Klik hier voor de uitspraak

 

Voor vrijblijvend advies of informatie over erkenning bel een van onze gespecialiseerde advocaten op 0229-295477 of mail naar info@vzbadvocaten.nl

advocaat erkenning kind Hoorn

advocaat erkenning kind Enkhuizen

advocaat erkenning kind Volendam

advocaat erkenning kind Purmerend

Facebooktwittermail

Woonlasten en kinderalimentatie

Met welke woonlast wordt rekening gehouden bij het bereken van de kinderalimentatie?

forfaitair rekensysteem bij kinderalimentatie

In de rechtspraak is met betrekking tot de berekening van kinderalimentatie gekozen voor een forfaitair rekensysteem voor wat betreft de woonlasten waarmee rekening gehouden wordt. De achterliggende reden hiervoor is onder meer het voorkomen van discussie over de hoogte van de bedragen waarmee gerekend dient te worden.

Uitgangspunt is dat bij de berekening van kinderalimentatie gerekend wordt met een woonlast van 30% van het netto inkomen. Er wordt bij kinderalimentatie dan dus geen rekening gehouden met de werkelijke woonlasten, maar met een fictief bedrag per maand.

Hierbij is wel van belang dat kinderalimentatie maatschappelijk gezien een zeer hoge prioriteit heeft en dat bij de vaststelling van kinderalimentatie in beginsel rekening gehouden dient te worden met alle feiten en omstandigheden van het geval.

woonlast en kinderalimentatie

Gerechtshof Den Haag; werkelijke woonlast bij berekenen kinderalimentatie

Gerechtshof Den Haag hield onlangs geen rekening met de forfaitaire woonlasten, maar met de werkelijke woonlasten. Het hof bepaalde daar dat de werkelijke woonlast aanzienlijk lager was dan de forfaitaire woonlast, zodat het in het kader van de kinderalimentatie rekening was om de werkelijke (lagere) woonlast rekening te houden.

Voor de hele uitspraak van het Hof Den Haag: klik hier

Vlaar-Zillikens-Bosch-Advocaten-Hoorn-Volendam-

advocaat alimentatie Hoorn

advocaat alimentatie Alkmaar

Facebooktwittermail

Dag van de scheiding

dag van de scheiding Hoorn

Dag van de scheiding

Op 15 september 1796 werd in Nederland de eerste echtscheiding geregistreerd. Tegenwoordig eindigt ongeveer één op de drie huwelijken in een scheiding. Voor samenwoners geldt ongeveer hetzelfde. Sinds 2010 wordt ieder jaar de ‘Dag van de Scheiding’ georganiseerd. Daarmee wordt aandacht gevraagd voor de maatschappelijke gevolgen van scheidingen en voor het belang van een deskundige begeleiding daarbij.

Kosteloos echtscheidingsadvies

Dit jaar vindt de dag van de scheiding plaats op vrijdag 9 september 2016. Op deze dag kunt u kosteloos kennismaken met één van onze gespecialiseerde echtscheidingsadvocaten.
Wij kunnen u antwoord geven op algemene vragen maar ook adviseren in specifieke situaties. Voorts is er aandacht voor de vraag of mediation tot de mogelijkheden behoort. Dit kan immers een goede en betaalbare mogelijkheid zijn om met respect voor ieders belangen tot een echtscheiding te komen.

 

U bent van harte welkom tussen 09:00 uur en 17.00 uur op ons kantoor aan het Breed 28 te Hoorn. Het is ook mogelijk om vooraf (telefonisch) een afspraak te maken. Uiteraard zijn wij die dag ook telefonisch bereikbaar voor uw vragen op nummer: 0229-295477.

Liever een andere dag?

Komt het u op 9 september as niet uit om contact met ons op te nemen? U kunt zich gedurende de maand september 2016 aanmelden voor een kosteloos kennismakingsgesprek van maximaal één uur met een van onze advocaten. U kunt hiervoor mailen naar info@vzbadvocaten.nl.

 

Facebooktwittermail

Meer bescherming bij onverwachte schulden uit erfenis

Vanaf 1 september 2016 is er een nieuwe wet die bescherming biedt bij onverwachte schulden uit een erfenis. Erfgenamen worden met deze nieuwe wet beter beschermd tegen schulden in een erfenis.

erfrecht specialist Hoorn

Keuze bij erfenis: aanvaarden of verwerpen

Je kunt maar één keer kiezen of je de erfenis accepteert, verwerpt of beneficiair aanvaardt.

  • Zuiver aanvaarden:

Als de erfgenaam dit expliciet aangeeft of bijvoorbeeld als er een handelingen is verricht die met de nalatenschap te maken heeft. In dat geval accepteer je de volledige nalatenschap ben je ook aansprakelijk voor alle schulden uit de nalatenschap. Deze moeten dan uit eigen vermogen betaald worden.

  • Beneficiair aanvaarden:

De erfgenaam geeft dan aan dat hij onder voorbehoud de erfenis aanvaardt. Als er later meer schulden dan bezittingen in de erfenis blijken te zitten, kan er dan alsnog van de erfenis worden afgezien.

  • Verwerpen:

Bij verwerping verliest de erfgenaam het recht op goederen van de nalatenschap, maar tegelijkertijd is hij ook verlost van de schulden van de nalatenschap.

Twee wijzigingen in de wet

De gewijzigde wet geeft erfgenamen die een erfenis hebben geaccepteerd, maar waarvan achteraf blijkt dat meer schulden waren dan voorzien een ontsnappingsmogelijkheid. In bepaalde gevallen kunnen de erfgenamen dan de erfenis alsnog beneficiair aanvaarden. Voorwaarden hiervoor is dat de schulden niet blijken uit de administratie van degene die is overleden. De zogeheten ‘onverwachte schulden’ .

De gewijzigde wet geeft voorts duidelijkheid op de vraag wanneer een erfgenaam zich gedraagt alsof een erfenis zuiver aanvaard is. Het beheren van een nalatenschap is niet langer een gedraging waardoor de erfgenaam geacht wordt de nalatenschap zuiver te hebben aanvaard. Beheer van een nalatenschap kan bijvoorbeeld zijn het verkopen van goederen uit de nalatenschap, indien een goed bijvoorbeeld beperkt houdbaar is.

Erfrechtspecialist Hoorn

Het advies van specialisten blijft om een erfenis bij twijfel beneficiair te aanvaarden. De erfgenaam geeft dan aan dat hij onder voorbehoud de erfenis aanvaardt. Als er later meer schulden dan bezittingen in de erfenis blijken te zitten, kan er dan alsnog van de erfenis worden afgezien.

Bel voor meer informatie met 0229-295477 of mail: info@vzbadvocaten.nl

U kunt ook het contactformulier invullen dan nemen wij zo spoedig als mogelijk contact met u op.

advocaat erfrecht Hoorn

advocaat erfrecht Volendam

advocaat erfrecht Alkmaar

 

Facebooktwittermail

Partneralimentatie en grievend gedrag

Grievend gedrag alimentatiegerechtigde betekent einde alimentatie

Onlangs heeft het Hof Arnhem-Leeuwarden de vraag gekregen of de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat er geen sprake meer is van lotsverbondenheid wegens grievend gedrag van de vrouw.

Partneralimentatie Hoorn

Casus

De vrouw beschuldigde de man van het vergiftigen van hun kind. Hij wilde als gevolg van deze gedragingengeen partneralimentatie meer betalen.

Het Hof oordeelde dat de alimentatieverplichting van de man jegens de vrouw was geëindigd als gevolg van het gedrag van de vrouw.

Overweging Gerechtshof:

“De ingrijpende en ongefundeerde beschuldigingen van de vrouw, het permanent diskwalificerende karakter van die beschuldigingen, de lange periode dat de vrouw deze beschuldigingen uit van inmiddels vier jaren, het continueren van haar gedrag, en het beschikbaar houden van diskwalificerende informatie op social media (facebook), brengt het hof tot het oordeel dat de vrouw de in het maatschappelijk verkeer in acht te nemen zorgvuldigheid en betamelijkheid ver heeft overschreden, en wel in die mate dat die gedragingen in onderling samenhang bezien een einde hebben gemaakt aan de lotsverbondenheid van de man jegens de vrouw, die nu juist één van de voornaamste gronden is voor de alimentatieplicht. Op grond hiervan is het hof – evenals en met de rechtbank – van oordeel dat van de man in redelijkheid niet gevergd kan worden dat hij nog langer een bijdrage levert in de kosten van levensonderhoud van de vrouw omdat door het kwetsende en grievende gedrag van lotsverbondenheid geen sprake meer is.”

Zie hier voor de uitspraak van: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

 

 

Facebooktwittermail

Kinderalimentatie: werkelijke of forfaitaire woonkosten?

Is bij de berekening van de kinderalimentatie terecht uitgegaan van de forfaitaire woonkosten nu de werkelijke woonkosten aanmerkelijk lager zijn?

Het Hof Den Haag heeft hierover een beschikking gewezen en geoordeeld dat het berekenen van kinderalimentatie maatwerk blijft.

Het Hof overwoog dat, aangezien er een aanmerkelijke discrepantie was tussen de werkelijke woonkosten en de forfaitaire woonkosten, dit ten koste zou gaan van de kinderen. Het Hof is gelet hierop van oordeel dat het hanteren van het forfaitair systeem in het onderhavige geval in strijd met de uitgangspunten van de wetgever is. Er is in dit systeem gekozen voor behoefte en draagkracht op grond van de werkelijke gegevens (maatwerk).

Voor de hele uitspraak: Gerechtshof Den Haag, 13-07-2016 ECLI:NL:GHDHA:2016:2310

Facebooktwittermail

Prijzengeld Postcodeloterij valt in faillissementsboedel

M en V zijn op huwelijkse voorwaarden met elkaar gehuwd. Sinds 2014 speelt V – met twee loten – in de Nationale Postcode Loterij. Zij betaalt de loten van de bankrekening die op haar naam staat. In juni 2014 wordt M failliet verklaard en maakt sindsdien gebruik van de bankrekening van V. In februari 2015 valt de Postcode Loterij-straatprijs op de loten van V, die daarmee een bedrag van € 50.000 wint. De curator in het faillissement van M verzoekt de rechtbank (1) te verklaren dat het prijzengeld in de faillissementsboedel is gevallen en (2) V te veroordelen tot het overmaken van het prijzengeld. Volgens de curator dient het gewonnen geldbedrag te worden aangemerkt als een ‘goed, voortgesproten uit belegging’ (artikel 61 lid 1 Fw) en valt het in de faillissementsboedel, aangezien V niet kan aantonen dat het geld is voortgesproten uit beleggingen van haar eigen gelden. V beroept zich op artikel 61 lid 4 Fw, op grond waarvan het voor haar mogelijk is het gewonnen prijzengeld uit het faillissement terug te nemen. Volgens V heeft zij de loten uit eigen middelen gekocht, nu zij deze heeft betaald van haar rekening die op haar naam staat. V betoogt dat zij de loten heeft gekocht na het storten van haar salaris, waardoor zij meer dan de helft heeft ingebracht op de bankrekening. Dat M sinds het faillissement ook gebruik maakt van haar rekening, is volgens V niet relevant nu zij en M niet in gemeenschap van goederen zijn getrouwd.
De rechtbank overweegt als volgt. Betaling van de inleg in een loterij geeft de deelnemer recht op een lot. Indien op dat lot een prijs valt, heeft de deelnemer recht op uitbetaling van die prijs. Dat betekent dat de prijs dan is voortgesproten uit de belegging van gelden, namelijk de aankoop van een lot. Artikel 61 lid 4 Fw is derhalve op die prijs wel van toepassing, en het is aan V om te bewijzen dat het prijsgeld aan haar toebehoort. Daarvoor zal zij moeten bewijzen (1) dat zij de eigendom van de loten heeft verkregen, alsmede (2) dat zij de loten voor meer dan de helft met eigen middelen heeft gefinancierd. V stelt dat, omdat de bankrekening op haar naam staat, het geld op deze bankrekening ook als haar ‘eigen middelen’ moet worden beschouwd. De rechtbank volgt die stelling niet. De tenaamstelling van een bankrekening geeft weliswaar aan wie ten opzichte van de bank gerechtigd is om over een saldo te beschikken, maar bepaalt niet wie in onderliggende verhoudingen tot het saldo gerechtigd is. Dat de bankrekening op naam van V staat, brengt dus niet automatisch met zich dat het geld op de bankrekening volledig aan haar toekomt en dat van goederen die met dit geld worden gekocht ook kan worden gezegd dat deze met haar middelen zijn betaald. De omstandigheid dat V ook al loten kocht van deze rekening voordat deze gezamenlijk werd gebruikt en dat zij het geld voor de loten ook zelfstandig kan voldoen, is evenmin relevant. Beoordeeld dient te worden of de loten waarmee de prijs is gewonnen, door V voor meer dan de helft met eigen middelen zijn betaald.
Zowel het salaris van M als dat van V werden vanaf de datum van het faillissement op de bankrekening gestort. Vanaf dat moment was dit de enige rekening die door M en V werd gebruikt. Zij gebruikten de rekening vanaf dat moment dus gezamenlijk. Het gevolg hiervan is dat vermenging is opgetreden en dat een gemeenschap moet worden aangenomen waartoe M en V zijn gerechtigd overeenkomstig hun aandeel in het tegoed. Voor het bepalen van het aandeel van V in het tegoed, is van belang (1) wat het saldo van de rekening was toen zij en M de rekening gezamenlijk gingen gebruiken en (2) met welke bedragen zij en M de rekening vanaf dat moment hebben gevoed. Hieruit volgt dat het aandeel van V niet kan worden vastgesteld aan de hand van de laatste bijstortingen, zonder naar eerdere mutaties te kijken. Het is bij gezamenlijk gebruik van een rekening niet zo dat degene die als laatste heeft gestort, een vervolgens met geld van die rekening gekocht goed ook voor meer dan de helft uit eigen middelen heeft betaald. Om aan te nemen dat V de loten voor meer dan de helft met eigen middelen heeft betaald, dient V aan te tonen dat zij vanaf het moment van gezamenlijk gebruik méér op de rekening heeft ingebracht dan M. Dit heeft V nagelaten. Dat leidt tot de conclusie dat V er niet in is geslaagd te bewijzen dat het prijzengeld moet worden aangemerkt als een goed dat is voortgesproten uit de belegging van aan haar toebehorende gelden. Nu dit een dwingende voorwaarde betreft om goederen terug te kunnen nemen uit het faillissement, moet worden aangenomen dat het prijzengeld in het faillissement van M valt. De rechtbank wijst de vorderingen van de curator toe.
Volledig uitspraak: klik hier

Facebooktwittermail